|
| |
Linux is in. Open Source is in. Grote bedrijven bieden steeds meer support
en produkten. Computerbladen zijn haast onverdeeld enthousiast. Het aantal
Linux gebruikers stijgt explosief.
De toekomst ziet er voor Linux helder uit. Toch duiken regelmatig
berichten op van mensen die Linux hebben geinstalleerd, en het er teleurgesteld
weer hebben afgegooid. Dit is naar mijn mening het gevolg van een verkeerde
voorlichting. In de media wordt Linux soms afgeschilderd als een "Windows,
maar dan stabiel". Linux en Windows verschillen haast op alle punten waarop
OSsen kunnen verschillen. Niet alleen op het vlak van stabiliteit.
Het succes
Als Linus Torvalds niet besloten had z'n OS op UNIX te baseren, was het nooit
zo populair geweest. Linux had het voordeel dat er al een hoop applicaties
beschikbaar voor waren, zelfs voordat het systeem applicaties kon draaien.
Allang voor het ontstaan van Linux was er een traditie van open software op
UNIX systemen. Toen er een werkbare versie van Linux ontstond, was dat het
laatste puzzelstukje in een compleet vrij computersysteem. Een systeem dat
aangepast is op de behoeften van UNIX gebruikers: stabiel, flexibel,
transparant en open. Dit zijn eigenschappen die vooral voor technisch
georienteerde gebruikers en serversystemen belangrijk zijn: de traditionele
markt voor UNIX.
De teleurstelling
UNIX is tot het ontstaan van Linux eigenlijk onbereikbaar geweest voor
thuisgebruikers met een PC. Het was te duur en had in die markt te weinig
bekendheid en geschikte applicaties. De introductie van Linux betekende
eigenlijk de introductie van
UNIX in de thuismarkt. In deze markt gelden hele andere regels: Op elk
gebied zijn er tienduizenden applicaties, soms vertaald in tientallen talen.
Voor alles is wel een grafisch front-end beschikbaar. Elke week komen
tientallen nieuwe randapparaten uit, met elk een eigen driver. En het
grootste verschil met de servermarkt: bijna al deze applicaties en bijna al
deze drivers worden voor slechts 1 besturingssysteem geschreven:
Microsoft Windows.
Omdat Linux in de thuismarkt behoorlijk nieuw is, zijn er weinig
fabrikanten die drivers voor Linux schrijven. Ook zijn er weinig fabrikanten
die software voor Linux schrijven, al stijgt dit aantal met de dag.
De grootste hoeveelheid drivers en software wordt nog steeds door
vrijwilligers geschreven. Deze drivers en software zijn goed van kwaliteit,
maar voor lang niet elk apparaat bestaat een driver. En voor lang niet elke
toepassing is een applicatie geschreven.
De toekomst?
Windows en Linux hebben zo allebei hun voordelen. Als voordeel bij Windows
wordt vaak het aantal beschikbare applicaties en drivers en de
gebruiksvriendelijkheid genoemd. Als
voordeel van Linux wordt snelheid, betrouwbaarheid en flexibiliteit genoemd.
Als Microsoft met de een opvolger van Windows 98 een goed
systeem neer zet, heeft een gebruiker een aantal redenen minder om voor Linux
te kiezen. Als de ontwikkeling van desktopsoftware voor Linux nog een
jaartje of twee, drie in het huidige tempo doorgaat, wordt Linux net zo
eenvoudig als Windows, terwijl het de huidige voordelen kan behouden. Dan
heeft een gebruiker een aantal redenen extra om voor Linux te kiezen.
Misschien zal één van beide systemen de ander op bijna alle vlakken
kunnen verslaan. Misschien zal er in de tussentijd een ander systeem komen dat
Linux en Windows veruit overtreft. In de tussentijd blijft het belangrijk niet
zomaar op een ander platform over te stappen. Elk platform heeft z'n eigen
voordelen, en het spaart een hoop ellende als een gebruiker eerst nagaat of
hij baat heeft bij het overstappen, alvorens veel moeite te steken in het
leren van een nieuw systeem.
|